zwartdoek.jpgomslag.png2maart2015‘Heb je al enig idee hoe we bij de tweeling binnen kunnen komen?’ vraagt Lotje, terwijl ze een schone jeansbroek en shirt uit de kleerkast grist.

De jeansbroek is een probleem. De rits wil niet dicht. Als een volle zak suiker staat ze zich op te schudden. Al moet ze er uit barsten, ze zal en ze moet hem aan. Plotseling gaat ze plat op haar rug op het bed liggen. Dan lukt het haar wel om de broek dicht te ritsen. Met een hoofd zo rood als een biet komt ze overeind.

‘Eindelijk, die is dicht,’ zegt ze en springt van het bed af.

Snorretje ziet dit met lede ogen aan en denkt: daar heb ik gelukkig geen last van en hij mijmert weer door.

‘Nou, Snor, kom eens op met je foefje, heb je al enig idee?’

‘Ja, ja,rustig maar,’schrikt hij op uit zijn gepeins. ‘Ik heb een trucje bedacht en ik zal het je meteen uitleggen.’

Hij ziet haar rode hoofd en knikt met zijn kopje heen en weer en vraagt vriendelijk:

‘Zou je er in het vervolg niet beter aan doen Lotje, om een maatje groter te kopen.’

‘Ik heb jouw advies niet nodig,’ valt ze vinnig uit. ‘Zeg me liever hoe we bij de tweeling kunnen komen, in plaats van rotopmerkingen over mijn kleren te maken.’

‘Juist, ja. Dat ga ik je eens haarfijn vertellen, want jouw hulp wordt daarbij wel vereist.’

Lotje gaat op de rand van haar bed zitten en wacht gespannen af. Ze wil nu onderhand ook weten wat er met de tweeling aan de hand is.

Dit boek gaat over Lotje Lover die haar buurmeisjes redt uit de handen van haar drugsvriendjes.

De opbrengst  die ik van dit boek krijg gaat naar StichtingWeeshuisThailand .

 

Galeriepage12_E_kl Galeriepage12_F_kl